Pagina's

15 okt 2013

Grande Inter

Er zijn altijd voetbalploegen voor wie je een zwak hebt als voetballiefhebber. Vaak is dat een underdog tijdens een wedstrijd. Maar velen hebben ook een tweede liefde naast hun eigen favoriete club. Voor de een is dat een hele kleine club uit Engeland voor de ander weer het Argentijnse Boca Juniors. Maar voor mij is dat Inter Milan.

En de reden dat ik deze blog vandaag (15 oktober 2013) schrijf heeft te maken met het bericht dat vandaag naar buiten kwam. Inter is door Massimo Moratti verkocht aan de Indonesiër Erick Thohir. De beste man heeft een meerderheid van 70% gekocht in de club. Maar ik ben ergens bang voor. Bang dat Inter zijn ziel heeft weg gegeven!

Het zal namelijk niet de eerste club zijn die na een overname zich volledig zal overgeven aan het grote geld. Bij Chelsea gebeurde het al, net als bij Manchester City. Vooral laatstgenoemde zag zijn volledige club cultuur aan gort geholpen worden. En wat was daar de reden van? Het geld. Dat waarmee je spelers kan kopen.

Ik ben bang dat Inter ook die kant op zal gaan. Van een traditionele club met een prachtig zwart/blauw shirt waar grote voetballers in speelde naar een ordinair koopclubje. En ik weet ook wel dat het met Inter niet veel meer was de laatste jaren. Na het laatste hoogtepunt in 2010 onder aanvoering van Wesley Sneijder ging het snel bergaf met Nerazzurri .

Maar toch is het zonde. Er waren nog eens tijden in de jaren ’60 dat Inter de beste van Europa was. In eigen land werd het een aantal keren kampioen en ook in Europa werd er gewonnen van grootmachten als Real Madrid en Benfica. En dat met een revolutionair spelsysteem voor die tijd. Met vijf verdedigers achterin werd alles dichtgetimmerd. Het begrip catenaccio werd hier geboren. Net als de bijnaam voor deze grootse periode in de geschiedenis van de club: Grande Inter!

Nederland heeft ook een hele bijzondere band met Inter Milan. Zo was Faas Wilkes in 1949 de eerste Nederlander die een transfer maakte naar een grote club in het buitenland. Maar ook was het de club waar enkele Nederlanders het niet redde. Denk aan Bergkamp en nog recenter Andy van der Meyde.

Inter blijft ook altijd een beetje een mystieke club in mijn ogen. Je kan er niet altijd een goed beeld van krijgen. Ene jaar spelen er de grootste en bekendste spelers. Jaar erna staat er weer een hoop jeugd in. Wat dat is hoef ik ook niet te weten. Dat maakt deze club juist zo mooi.

Ik hoop dat de Indonesische vriend Inter nog steeds een prachtige club laat zijn. Een club die aan alles mooi is. Prachtig shirt, mooie geschiedenis en een club met een toekomst. Grande Inter!




24 sep 2013

Voetbal een feestje? Dacht het niet!

Het was voor de meeste Ajacieden geen gemakkelijk weekend. Er werd met 4-0 verloren bij PSV, iets wat hard aan kwam. Zeker gezien het spelbeeld van de eerste helft. Maar ik wil het niet hebben over de wedstrijd en of het wel of niet verdiend was, want dat spreekt voor zich. Waar ik het wel over wil hebben is de burgervader van de gemeente Eindhoven, dhr. Rob van Gijzel.

Vorige week kwam in het nieuws dat er geen Ajax supporters aanwezig mochten zijn bij de wedstrijd in Eindhoven tegen PSV. Er werd gewerkt aan de tunnel in Best en dat zorgde ervoor dat er geen treincombi mogelijk was. Omreizen met de trein was ook niet mogelijk vanwege allerlei technische of logistieke redenen.

Dus toen werd de hoop van menig Ajax supporter gevestigd op een mogelijke bus combi. Maar ook die kwam er niet. De burgemeester en zelfs de rechter besloot dat dit niet kon. Dit omdat er tijdens de laatste PSV-Ajax in april, confrontaties waren geweest tussen PSV aanhangers en de ME. De schuld van de Ajax supporters kon je het dus niet noemen.

Maar wat wellicht nog wat vreemder was, was dat er een paar dagen eerder in Eindhoven wel tegen de lokale FC gespeeld kon worden waar de uit supporters wel welkom waren met de bus. Een vreemde situatie, zeker omdat het twee dagen later ineens niet meer mogelijk was. Maar dat was het toppunt nog niet van dit weekend.

Dat kwam zaterdagavond. Nadat vrijdag er ineens geruchten opdoken over mogelijke demonstraties van Ajax supporters in Eindhoven, besloot de gemeente Eindhoven samen met de politie controles te houden op de toegangswegen naar Eindhoven. Er stond erg veel ME bij onder meer Schijndel en Boxtel. Uiteindelijk bleek het loos alarm te zijn.

Er werd buitensporig veel politie ingezet. Zoveel dat je je af moet vragen of het niet goedkoper was geweest om Ajax supporters toe te laten in Eindhoven. Maar daar hoor je nu niemand over, nu PSV gewonnen heeft. En dat stoort mij een beetje. Er is bijna niemand die Van Gijzel deze spiegel durft voor te houden.

De reden dat ik deze blog schrijf is heel simpel. Voetbal zou een feestje moeten zijn. Maar zolang er burgemeesters rond lopen zoals dhr. Van Gijzel die te bang zijn om een aantal uit supporters toe te laten, zal het voetbal nooit een feestje worden!



11 sep 2013

Storm in een glas water

Ik weet niet meer wat voor weer het hier in Nederland was op 18 oktober 2011. Feit is wel dat het een belangrijke dag zou zijn voor de Nederlandse sport. Die dag zouden we, niet u of ik maar de Nederlandse honkballers, geschiedenis schrijven. Nederland werd voor het eerst en direct ook voor het laatst Wereldkampioen honkbal. En dat was best knap met grootmachten als Panama en Cuba. Er ontbraken ook wel grote Amerikaanse spelers maar dat was voor ons, als volk, totaal niet van belang; we waren weer eens ergens de beste in. En niet zomaar de beste. Nee, de beste van de hele wereld, zou Louis van Gaal zeggen.

En het werd me toch gevierd. Een heuse huldiging vond plaats in Haarlem, waar ook coach Bob Farley en aanvoerder Sidney de Jong geridderd werden voor hun prestaties met de nationale trots. Er werd nog wat gejuicht met het publiek op de grote markt aldaar en dat was de huldiging voor deze ploeg. Haarlem was een logische keuze want dat is de Nederlandse basis voor deze sport, denk aan de Haarlemse Honkbalweek.

Maar bij deze huldiging bleef het niet. De ploeg mocht ook nog eens op bezoek bij een aantal voetbalclubs. Zo heb ik op een verloren zaterdagavond bij Ajax nog staan te klappen voor deze mannen. Niet dat ik dat niet wilde, maar een gevoel bekroop me dat dit eigenlijk nergens op sloeg. Waarom dat wist ik toen niet, maar ik denk nu wel te weten waarom ik dat toen dacht.

De reden dat ik toen met frisse tegenzin toch klapte is de volgende; wat horen we nu nog van het honkbal? Kijk op dat moment doe je dat meer uit respect en eerbied omdat het een knappe prestatie is, maar zo terugkijkend hebben zij er helemaal niets aan gehad. Want er zou toch enorm veel veranderen voor deze sport, tenminste dat werd toen geroepen door zogenaamde deskundigen. Maar wat dan? Volgens mij helemaal niets. Nou helemaal niets is wellicht een beetje overdreven, maar het is in ieder geval niet zichtbaar voor de Henk en Ingrids onder ons.

En als we eens heel logisch na gaan denken kunnen we toch eigenlijk ook wel raden waarom we niets meer van hen horen. Nederland is toch helemaal geen honkbal land. Als je kijkt naar de populairste sporten in Nederland dan zie je nergens honkbal bij staan. Ik wil hier mee niet zeggen dat we er niet goed in kunnen zijn, maar het Nederlandse volk zit blijkbaar niet te wachten op honkbal. En zo zijn er wel meer sporten hoor.

Maar goed in 2011 hadden de meesten een grote mond want het zou veranderen. Nu twee jaar verder is er haast niets veranderd en lijkt het leven gewoon weer door te gaan zoals voor 18 oktober 2011 ook al het geval was. Het was niet meer dan een storm in een glas water. Een storm die niet krachtig genoeg was om Nederland onder water te zetten.



29 aug 2013

Als dit was gebeurd, was het heel anders afgelopen...

Als een klein jongetje van een jaar of vier oud zette ik mijn eerste stapjes in de voetbalwereld. Bij de mini’s begon ik toen. Een geweldig looptalent dat was ik niet. Maar verdedigend stond ik mijn mannetje wel en ik had een goede trap in de benen zitten waardoor ik anderen regelmatig kon voorzien van een assist. Maar meer dan een kampioenschap bij Wilhelmina Boys E6, heeft er nooit ingezeten.  

En in dat laatste zit volgens mij voor heel veel voetballers maar ook trainers een belangrijke boodschap. Als ik hen na de wedstrijd voor de camera weer eens hoor zeggen hoe anders de wedstrijd was verlopen als ze die ene kans hadden afgemaakt, dan moet ik altijd lachen en zuchten. Soms ook wel eens tegelijk wat natuurlijk een vreemd gezicht voor anderen moet zijn.

Ik begreep toen ik een jaar of twaalf was dat dit het wel zou zijn voor mij als voetballer. Beetje voetballen bij de amateurs van willekeurige voetbalclub is helemaal niets mis mee, dacht ik zo. En voor de een moet dat moment een iets grotere teleurstelling zijn geweest dan voor de ander. Maar uiteindelijk berust je in het lot. Maar dat stapje hebben sommige trainers en spelers niet mee gekregen.

Zo zag ik gisteren (28 augustus 2013) PSV voetballen in San Siro tegen AC Milaan. Ze verloren redelijk kansloos. Maar goed dat neemt niemand je kwalijk als je met zo’n elftal komt. Na de wedstrijd kwam de heer Cocu, trainer van de Eindhovense ploeg, voor de camera van de NOS. Tom Egbers vroeg aan hem of het een terechte weerspiegeling van de wedstrijd was. Cocu gaf daarop als antwoord dat als die ene bal van Wijnaldum erin was gegaan, de wedstrijd heel anders verlopen zou zijn.

Maar dat is toch niet gebeurd of heeft hij naar een andere wedstrijd gekeken? Paar weken geleden zei Frank de Boer min of meer hetzelfde toen Ajax verloor bij AZ. De rode kaart zou de wedstrijd bepaald hebben. Ja, die kaart was dan wel van invloed maar moet je als Ajax zijnde gewoon niet beter zijn dan je tegenstander? Moeten die trainers niet bij zichzelf te raden gaan waarom ze verloren hebben in plaats van een scenario te schetsen wat nooit heeft plaats gevonden?

Natuurlijk besef ik wel dat bepaalde gebeurtenissen in een wedstrijd van belang zijn, maar je speelt uiteindelijk twee keer 45 minuten. In die tijd moet je het verschil maken. Doe je dat niet, dan heb je gefaald. Zo simpel is het in mijn ogen. Als trainer zijnde moet je analyseren waar het mis ging tijdens de wedstrijd en niet gaan bespreken wat er zou zijn gebeurd als dit of als dat zou hebben plaatsgevonden.

Want mijn carrière had er ook heel anders uitgezien als ik op jonge leeftijd werd gescout door Real Madrid. Ik zou dan op deze leeftijd al financieel binnen zijn en prachtige wedstrijden spelen. Ik zou dan al drie keer kampioen zijn geworden. Ik zou zelfs Ronaldo uit de basis gespeeld hebben. Maar dat is helaas niet. Maar als dit was gebeurd, was het heel anders afgelopen!


24 aug 2013

Vooravond van nieuwe periode in het wielrennen?

Gisteren, vrijdag 23 augustus, was het weer tijd voor de jaarlijkse koers de Dutch Food Valley Classic. Een wedstrijd die vroeger door het leven ging als Veenendaal - Veenendaal. Met winnaars als Tom Boonen maar ook Joop Zoetemelk. Dit jaar was het echter nog lang onzeker of de koers wel doorgang zou vinden. Op het laatste moment trokken zich sponsoren nog terug. Maar samen met burgemeester Kolff van Veenendaal ging de organisatie op zoek naar investeerders. En vorige week kwam dan eindelijk het hoge woord eruit; de wedstrijd zou door gaan. En het werd gelijk ook een bijzondere.

Want niemand minder dan Thijs Zonneveld was aangesteld als technisch directeur van deze koers. Jarenlang had hij regelmatig kritiek op het wielrennen maar ook op deze koers. Zo zou de wedstrijd te voorspelbaar zijn. Er ontsnapte een groepje en die werden dan vlak voor de finish weer bij gehaald om een massasprint te krijgen. Daar wilde Zonneveld verandering in zien. De Dutch Food Valley Classic (wellicht die naam vervangen?) ging met hem de uitdaging aan en gaf hem de volledige vrijheid (zover mogelijk natuurlijk) om zijn ideeën uit te voeren.

Er waren gisteren ook drie, voor het publiek zichtbare, aanpassingen in de koers. Zo mocht iedere ploeg die deelnam maar met maximaal zes renners starten. Dit tot ongenoegen van diverse ploegen. Maar Zonneveld wilde de controle die ploegen vaak hebben tijdens een koers hierdoor weg nemen en er een attractieve wedstrijd van maken. En het moet gezegd worden dat ondanks een massaspurt, hij daar in geslaagd is. Er waren veel aanvallen in de wedstrijd, de koplopers kregen niet veel ruimte van het peloton en er werd daarom ook gruwelijk hard gereden. Zo hard zelfs dat men sneller reed dan het snelste schema wat de organisatie had opgesteld.

De tweede opmerkelijke aanpassing was de route van het parcours. Waar deze vroeger wel eens een beklimming had, zat deze editie er vol mee. Weliswaar geen hele hoge beklimmingen maar toch genoeg om de koers hard te maken. Zo werd er zes keer de Emma Piramide opgereden en werd de finish, die lag tussen Veenendaal en Rhenen, ook vier keer aangedaan. Ook daar ging een klein klimmetje telkens aan vooraf. Dit moest ook de voorspelbaarheid uit de koers halen. Toch zorgde dit experiment er niet voor dat het ook gebeurde. Het werd uiteindelijk toch een massasprint.

En de derde, meest innovatieve verandering, waren de camera’s in de koers op de fietsen van de renners. Dit gebeurde voor het eerst in de wereld tijdens een wedstrijd van de UCI. Tijdens de televisie uitzending op RTL 7 kon het publiek ook voor het eerst de beelden zien. Het zag er nog allemaal wel wat minder uit qua kwaliteit van het beeld maar het is zeker iets wat we in de toekomst vaker zullen zien. En hopelijk ook live want dan is dit echt iets dat iets toevoegt aan de wielersport die momenteel veel klappen moet incasseren.

Maar er waren niet alleen positieve punten aan deze editie. Zo ontbraken de echt grote ploegen, en daarmee ook grote renners, aan deze koers. Slechts vier World Tour ploegen waren present in Veenendaal; Belkin, Argos – Shimano, Vacansoleil en het Italiaanse Cannondale. Eerst zou Lotto – Belisol, met daarbij Greipel, aan de start verschijnen. Deze ploeg liet uiteindelijk toch verstek gaan omdat er maar met zes renners gestart mocht worden en Greipel dat niet wilde met aanstaande zondag de Vattenfall Classic in het vooruitzicht. Daardoor kon het publiek in Veenendaal zich niet vergapen aan deze ras sprinter maar ook andere bekende renners.

En ook gaf het publiek aan dat zij het ergens wel jammer vonden dat de finish uit het centrum werd gehaald. Ze vonden het ergens wel logisch want zo werd de koers spannender en leuker, maar in het centrum daar leeft het toch het meeste was het idee dat enkele toeschouwers hadden.

Ploegwagen van de latere winnaar Viviani
Het is in ieder geval wel te stellen dat het knap is wat Zonneveld en zijn team hebben geprobeerd. Zij hebben in een sport die er niet al te best voor staat dingen geprobeerd om het wielrennen weer tot leven te laten komen bij het publiek. Het ene proefballonnetje net was succesvoller dan de ander maar er zitten zeker dingen bij die de wielersport verder zal helpen. Ze durven in ieder het gezicht boven het maaiveld uit te steken.

En de koers zelf dan? Je zou bijna vergeten dat er ook nog gereden werd. In het begin sloop een groepje van zes renners weg, alleen kwamen zij niet weg. Niet gek veel later kon een groep van 14 man wel weg komen. Deze hielden het vol tot ruim tien kilometer voor het einde van de wedstrijd. Onder aanvoering van Cannondale (dat de gehele dag de wedstrijd al gecontroleerd had), Vacansoleil en Accent werd de sprint aangetrokken. Kenny van Hummel kwam te vroeg op kop te zitten waardoor hij alsnog werd voorbij gereden door twee Italianen. Van die twee Italianen was Elia Viviani van Cannondale de sterkste. Hij versloeg Napolitano die tweede werd. Van Hummel werd, licht teleurgesteld, derde in de 28e editie van de Dutch Food Valley Classic.



11 aug 2013

Bobby Haarms: De Goede Beul!

Er zijn van die mensen voor wie je later steeds meer respect krijgt. Dat kan als ze nog leven of in sommige gevallen niet meer onder ons zijn. Wat ik dan vaak doe is me verdiepen in zo’n persoon. En zo kwam ik op het volgende onderwerp van mijn blog. En daar staat een man in centraal met een prachtige bijnaam: De Goede Beul.

Dat is namelijk de bijnaam van oer-Ajacied Bobby Haarms. Iedere Ajacied dient deze naam te kennen. Zo niet dan schaam ik me toch enigszins in hen plaats. Ik moet ook eerlijk bekennen dat ik de man nog niet zo goed kende tot een bepaald moment in 2008. Een moment dat ervoor zorgde dat ik me ging verdiepen in Haarms.

Het was zondag 29 september 2008. Locatie de Amsterdam Arena. Ajax speelde daar die middag een wedstrijd tegen Vitesse. Het werd een redelijk eenvoudig overwinning voor de Amsterdammers. Met 3-0 werd Vitesse opzij gezet. Maar die wedstrijd was voor mij slechts bijzaak. Ik mocht als vaandeldrager, met een vlag van Ajax, het veld op. Een gevoel dat je niet kan omschrijven. Het stadion waar je als klein jongetje van droomt, dat mag jij dan betreden met een vlag van jou club. Dichter bij kon ik niet meer komen om op het veld van de Arena te mogen staan. Mijn voetbalkwaliteiten waren niet toereikend genoeg om nog te hopen op een professionele carrière.

Maar het eigenlijke hoogtepunt van die dag, zo besef ik nu pas, was al voor de aftrap. We waren met een paar man omgekleed en stonden op het punt om naar het veld te gaan. Eerst zagen we nog een gepanikeerde voetballer van Vitesse staan. Hij stond volop te bellen. Ik weet niet meer zeker wie het was maar ik denk nu nog steeds aan Nicky Hofs. Maar goed we liepen verder en kwamen in het stadion. En daar stond een vrouw bij een rolstoel waar een oudere man in zat. Die oudere man bleek Bobby Haarms te zijn! Het werd nog beter toen we dichterbij kwamen. Onze begeleider kende schijnbaar de vrouw en ook meneer Haarms kende hij redelijk goed zo te zien. We liepen hem achterna en zo stonden we plotseling oog in oog met Bobby Haarms. Hij gaf iedereen nog een hand. Toen was ik aan de beurt en gaf de beste man een hand. Een handdruk die ik mijn hele leven nooit zal vergeten.

Dat moment zorgde ervoor dat ik me ging verdiepen in Bobby Haarms. Want wat had hij nu voor Ajax betekend in al die jaren. Ik wist dat hij bij heel veel Ajacieden erg geliefd was. Maar waarom dan? Dat was eigenlijk de vraag die mij bezig hield. En ik denk dat ik het antwoord wel weet. Bobby Haarms was Ajax.

Geboren in Amsterdam zag hij in 1934 het levenslicht aan de Middenweg te Amsterdam. Hij werd geboren tegenover het terrein waar later De Meer werd gebouwd. Hij debuteerde voor Ajax in 1952 tegen Heracles. Lang zou hij echter niet voetballen want op 25-jarige leeftijd moest hij zijn loopbaan stoppen vanwege aanhoudende knie klachten. Maar afstand nemen van het voetbal dat wilde Haarms niet. Hij ging door als trainer en kwam zo in 1967 weer bij Ajax terecht als assistent van Rinus Michels.

Het opmerkelijke was dat Haarms niet in bezit was van de juiste trainingspapieren. Maar dat was geen probleem. Hij kreeg van Michels een getuigschrift met de volgende zin: "Haarms nooit zijn A-diploma had kunnen halen, omdat hij het te druk had met zijn werkzaamheden voor de club". Hij vervulde diverse functies bij Ajax. Assistent-trainer, hersteltrainer, scout en jeugdtrainer werd Haarms bij de Amsterdammers. Hij maakte veel mee. Zag veel prijzen gewonnen worden, maar zag ook veel dingen mis gaan. Maar hij bleef Ajax altijd trouw.

En dat zorgde ervoor dat hij met de jaren steeds geliefder werd bij de aanhang van Ajax. Zijn wil om alles voor Ajax over te hebben. Zijn enorme drang om de club te helpen, ook al stond deze er niet goed voor. Hij gaf zich voor de volle 100% voor de club. Iets wat je nog maar zelden mee maakt in tijden van op geld beluste bestuurders die snel willen scoren om vervolgens weer ergens anders de show te gaan stelen.

Maar aan ieder mensenleven komt een eind, zo ook aan dat van Haarms. Op 6 juni 2009 stierf hij in zijn geliefde Amsterdam. Na jaren al achteruit te zijn gegaan door zijn suikerziekte en zware privé omstandigheden, won hij deze keer de strijd niet. Hij kreeg een prachtig eerbetoon tijdens een dienst die voor hem werd gehouden op De Toekomst.

Wat rest zijn de herinneringen aan een fantastisch mens. Iemand die ik nooit persoonlijk heb mee gemaakt met uitzondering van een handdruk. Veel Ajacieden van mijn generatie kennen hem alleen van naam. Maar hij mag en zal ook nooit vergeten worden. Want Bobby Haarms, hoe ziek hij ook was op het einde van zijn leven, nog steeds een Ajacied.


5 aug 2013

Komen leuke dingen aan...

Op vrijdag 23 augustus ben ik aanwezig bij de wielerwedstrijd Dutch Food Valley Classic, voorheen Veenendaal – Veenendaal. Ik mag hier, voor het eerst, aanwezig zijn als journalist. Het is een wielerwedstrijd met een mooie historie. Zo won Joop Zoetemelk de eerste editie en wisten ook renners als Tom Boonen, Boasson Hagen en Theo Bos deze wedstrijd te winnen.

Ik houd jullie op de hoogte van nog andere ontwikkelingen.


Stay tuned!